Veelgestelde vragen

  1. Wie behoort tot de eerste categorie?

    De begunstigden van de verhoogde tussenkomt van de ziekte- en invaliditeitsverzekering (RVV):

    • weduwe of weduwnaar, invalide, gepensioneerde of wees

    • gehandicapt kind met een verhoogde kinderbijslag

    • langdurig werkloze (sinds meer dan een jaar) ouder dan 50 jaar

    • begunstigde van de inkomensgarantie voor ouderen (IGO)

    • begunstigde van een inkomensvervangende tegemoetkoming voor personen met een handicap

    • begunstigde van een leefloon (LL)

    • begunstigde van een equivalent leefloon en het bedrag van het bruto belastbaar jaarinkomen van het gezin is lager dan of gelijk aan € 19.566,25 vermeerderd met € 3.622,24 per persoon ten laste (voor de aanvragen ingediend vanaf 1 maart 2020).

  2. Welke huishoudens behoren tot categorie 2?

    Huishoudens met een laag inkomen: het bedrag van het bruto belastbaar jaarinkomen van het huishouden is lager dan of gelijk aan € 19.566,25 (vanaf 1/03/2020) vermeerderd met € 3.622,24 (vanaf 1/03/2020) per persoon ten laste.

    Om als persoon ten laste te worden beschouwd, dient het netto inkomen lager te zijn dan 3.330€ (vanaf 01/01/2020), de gezinsbijslag en het onderhoudsgeld voor kinderen niet meegeteld.

  3. Dient het OCMW een schuldbemiddelingsdienst te hebben om gebruik te kunnen maken van artikel 4 van de wet van 4 september 2002 (subsidie personeelskosten)?

    Ja, het OCMW dient:

    - ofwel zelf erkend te zijn als schuldbemiddelingsdienst;

    - ofwel een overeenkomst te sluiten met een erkend bemiddelaar of erkende bemiddelingsdienst.

    Indien het OCMW niet beschikt over een erkenning of een contract, heeft deze geen recht op de subsidie in het kader van artikel 4 maar wel op de subsidie van artikel 6 (subsidie financiële maatschappelijke dienstverlening – energiebeleid).

  4. Moet het OCMW de bewijsstukken in papieren vorm bewaren?

    Het OCMW kan de bewijsstukken van de gegevens die de aanvraag van een verwarmingstoelage betreffen ook in elektronische vorm opslaan (bijvoorbeeld via printscreen). Deze stukken dienen wel consulteerbaar te zijn bij een controle van de inspectiedienst. Alle informatie die verkregen wordt via de KSZ-stroom dient voor de inspectiedienst niet meer op een andere manier te worden bewezen.

  5. Hoe moeten de OCMW's de facturen behandelen die elkaar snel opvolgen om problemen met de berekening te vermijden?

    Wanneer een factuur wordt ingevoerd in een formulier van de informaticatoepassing voert het programma een berekening uit op basis van de bestaande informatie die opgeslagen is in de databank voor dezelfde hoofdbegunstigde. Opdat een toelage opgeslagen wordt in de databank, is het verplicht dat het overeenkomstige formulier werd verzonden en aanvaard. Het programma is niet in staat om te bepalen of er voor eenzelfde hoofdbegunstigde een lopende aanvraag tot beslissing bestaat. Er wordt dus gevraagd om de verschillende facturen apart te behandelen. De volgende factuur zal slechts eenmaal moeten worden ingevoerd, wanneer het vorige formulier aanvaard werd. Voor technische vragen, gelieve contact op te nemen met de Helpdesk OCMW's van Smals, ofwel telefonisch (02/787.58.28), ofwel per mail via het adres ocmw-cpas@smals.be. Voor vragen over de inhoud, gelieve contact op te nemen met de front desk van de POD MI, ofwel telefonisch (02/508.85.85), ofwel per mail via het adres vraag@mi-is.be.

md xs sm lg